zaterdag 6 juni 2015

OVER WETTEN, BESCHIKKINGEN, BELEID EN PLANNEN

Het werk van een bestuursorgaan bestaat voornamelijk uit het nemen van besluiten. De Algemene wet bestuurswet kent verschillende soorten besluiten. Uit artikel 1:3, tweede lid, van die wet volgt dat een besluit of een beschikking, of een besluit van algemene strekking is. Het idee achter dit onderscheid is dat het heel vervelend kan uitpakken als bepaalde eisen voor de totstandkoming van beschikkingen ook op besluiten van algemene strekking van toepassing zouden zijn. Het zou behoorlijk lastig worden als bijvoorbeeld de hoorplicht voor belanghebbenden van artikel 4:7 en verder Awb op de vaststelling van een algemene gemeenteverordening zou moeten worden toegepast.

Artikel 1:3, vierde lid, Awb verdeelt besluiten van algemene strekking vervolgens weer in algemeen verbindende voorschriften en beleid. De wetgever heeft hiermee trouwens niet een limitatieve opsomming willen geven. Met name binnen de groep besluiten van algemene strekking bestaat er ruimte voor een heel scala aan varianten. Zoals richtlijnen en plannen.

Van bestuurswetgeving of algemeen verbindende voorschriften is sprake als het gaat om regels die zijn vastgesteld door een bestuursorgaan dat de bevoegdheid tot het vaststellen van die regels direct of indirect ontleent aan de Grondwet of een wet in formele zin. Bovendien moeten die regels voor herhaalde toepassing vatbaar en algemeen naar plaats, tijd en persoon zijn en een zelfstandige rechtsnorm met een bindende externe werking inhouden. Een hele rij voorwaarden die, onder andere, maken dat het regiem van hoofdstuk drie van de Algemene wet bestuursrecht er slechts gedeeltelijk en dan ook nog geclausuleerd op van toepassing is. Zo staat op grond van artikel 8.3, eerste lid, sub a, van die wet geen beroep open tegen deze algemeen verbindende voorschriften.

Beleidsregels onderscheiden zich doordat deze regels alleen kunnen gaan over het gebruik van een reeds bestaande bevoegdheid en doordat ze niet volledig verplichten tot naleving. Alleen al uit artikel 4:84 Awb volgt dat beleidsregels geen wettelijke plichten voor burgers kunnen scheppen.

Plannen worden niet als aparte categorie in de Awb aangewezen. Dit komt doordat er veel verschillende soorten plannen bestaan die moeilijk in algemene termen te vangen vallen. Een plan houdt, in tegenstelling tot wetgeving en beleidsregels, geen algemene regels in en is ook niet gericht op herhaalde toepassing. Toch zijn er op rechtsgevolgen gerichte plannen waarbij een aantal met elkaar samenhangende rechtsvaststellingen in een besluit zijn vervat. Denk bijvoorbeeld aan een bestemmingsplan. Dit geeft een plan een boven individueel karakter en maakt het van algemene strekking.

Een andere niet in de Awb genoemde categorie zijn de richtlijnen. Dit zijn eigenlijk beleidsregels die niet op een bevoegdheid als bedoeld in artikel 4:81 Awb zijn gebaseerd. Ze zijn vaak niet eens van een bestuursorgaan afkomstig, maar van een wetenschappelijk instituut of een groep deskundigen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de Handreiking Industrielawaai.

Uit artikel 1:3 Awb volgt dat een beschikking per definitie niet van algemene strekking is. Een beschikking heeft een concrete of individuele strekking. Het is een besluit dat is gericht op rechtsgevolgen voor een of meer geadresseerden. Een gesloten groep van aanwijsbare personen met uitsluiting van anderen. Met andere woorden een persoonsgerichte beschikking. Bijvoorbeeld het verlenen van een bouwvergunning. Een beschikking kan ook een besluit zijn dat gericht is op het bepalen van de juridische status van een concreet aanwijsbare zaak: een zaaksgerichte beschikking. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het plaatsen van een gebouw op de monumentenlijst.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten